
|
Tegen achten lopen wij (Ben, Bob, Peter & Petra, Lineke & ik) over de Weteringschans naar Paradiso. Naast Paradiso staan nogal wat van die schaftcontainers opgestapeld. Ik kijk naar een gestapeld exemplaar en zie iemand door de schaftkeet heen en weer lopen waarvan ik zeker weet dat die niets van doen heeft met bouwen. Het is Lux Interior. Ook Poison Ivy zit er en even later zien we ook nog de bassist. Wat blijkt, de catacomben van Paradiso worden verbouwd en dus zijn de kleedkamers tijdelijk verhuisd naar die stalen schaftketen. Maak je meer dan 25 jaar lang psychobilly, kom je terecht in een stalen container met daarin kitschverlichting en een vreselijk dubieuze schemerlamp... Kan het beter? De zaal is uitverkocht dus 1300 man mag getuige zijn van het enige concert dat The Cramps in Nederland geven. Het voorprogramma wordt snoeihard verzorgd door The Riots die er na ongeveer drie kwartier mee kappen. De zaal is inmiddels volgelopen en de spanning stijgt. Roadies zijn druk in de weer om alles geïnstalleerd te krijgen, het publiek om nog wat te drinken te halen. De toeschouwers, van twintig jaar tot tegen de zestig, zijn niet onder een noemer te vangen. Wij besluiten om naar het linker balkon te gaan. Daar stonden we bij het vorige Cramps-concert op Goede Vrijdag (!) in 1998 ook. Om ongeveer
tien over negen beklimmen de leden van een van de meest legendarische
cultbands aller tijden het podium. Lux Interior het laatst, gekleed
in een zwarte latexbroek, een strak zwart shirt met lange mouwen, zwarte
handschoenen, puntlaarzen, een grote ronde zonnebril en in de hand een
fles wijn. Hij trekt de kurk eruit met zijn blikkerende tanden en spuugt
de kurk ver het publiek in. Lux neemt een slok, zet de fles neer en dan
breekt het spektakel los. De door hen zelf bedachte term psychobilly wordt
eer aan gedaan: een mix van B-filmhorror aan draadjes, fifties exotica,
sleazy glitter en zwarte magie. Geen liedjes over liefde, rugzakromantiek,
cannabisroes of ander ongemak. Nee, het is menens: rock & roll, uitgekleed
tot op het bot. Nummers als Dames, booze,
chains and boots, Garbageman,
It thing hard on en The
most exalted potentate of love worden gespeeld. Het publiek
in de buurt van het podium staat vanaf het begin hevig te pogoën.
Lux Interior klapwiekt over het podium met zijn jankende, holle zang.
Poison Ivy, onweerstaanbaar cool als altijd, heeft een kort zwart
latexjurkje aan, netkousen, halfhoge laarsjes met panterprint en niet
te vergeten haar grote Gretsch-gitaar.
Ze speelt haar gitaarpartijen met snerpend twang-geluid messcherp en soepel,
de reverbknop op tien. Chopper Franklin heeft de bastaken overgenomen
van Slim Chance. Als je die man op straat tegenkomt weet je dat dat de
bassist van The Cramps moet zijn; een ander beroep is ondenkbaar. De drummer,
Jim Chandler, met een kapsel dat doet denken aan The Ramones heeft
(alleen?) voor de Europese tour de plaats ingenomen van Harry Drumdini.
Hij drumt als een snel wandelende olifant en minimaal. Precies zoals het
hoort. De balkonscène...
met kus! "De
staat, dat ben ik," zei Lodewijk de XIV. Als we naar
beneden lopen zegt Peter: "Mooi iets voor een column." Voor een eerdere column over The Cramps klik hier >> *(c) scan uit Oor. Foto Arjan van den Berg. |