The man himself.



K's column


De bloem der natie gaat op stap (SuperRally 2004, Zweden).

Bloemen: Bert, Bob, Dorus (eerste dag), Hans, Harry, Jan jr, Koen, Koos, Martin, Peter & Petra, Simon (terugreis) en Walter (terugreis) en Willem. Gereden kilometers: iets meer dan 1800. Hieronder enkele fragmenten.

Vertrek.
Woensdagochtend 26 mei: ik stap bijtijds op en luister tijdens het ontbijt naar de nieuwste LP van Dead Moon, getiteld Dead Ahead. Dat had ik beter kunnen laten... (zie Terugkomst) Even later rij ik de straat uit, richting Korperskorner.

Nieuw record.
Die woensdagochtend verzamelen we dus bij de nestor. De Harley die gezamenlijk eigen-dom is van Bert en Martin zal worden bereden door Hans, een vriend van ze. Welnu, Hans komt aanlopen met de Harley. Dat belooft wat. Volgens Hans is er iets niet goed met de koppeling, het pedaal gaat te zwaar. Bert rijdt er een stukje op, maar hem valt niets op. Een kwestie van wennen dus, met als gevolg dat Hans de eerste paar honderd kilometer als een kikker bij de stoplichten vandaan zal springen. Om 8.45 uur vertrekken we vanaf de Sassenpoort. Aan het begin van de Marsweg stoppen we omdat de helft ontbreekt. We wachten, wachten en wachten. Ik kijk op de dagteller die ik bij Bob op nul heb gedraaid. Die staat op 1,5 km!
Peter rijdt terug en ook ik duik na verloop van tijd nog 'ns onder de Sassenpoort door. Niets. Alles is weg. Na enige tijd komt het mobiele telefoonverkeer op gang. Wat blijkt, de andere helft staat inmiddels in Ommen. Hoe dan ook, een nieuw record is gevestigd. We kunnen ons aanmelden bij het Guinnessbook of records voor de groep motorrijders die op een rit van 1800 km al binnen een paar minuten en 1,5 km totaal uit elkaar ligt.

Het vogeltje.
Helaas vliegt op de heenreis in Denemarken een musje in mijn voorwiel. Daar kon-ie niet tegen, het vogeltje. Shit happens. De postume wraak van het vogeltje is echter heel treffend, want op de SR heb ik heel wat mensen, in allerlei talen, horen zeggen: "Ik werd vanochtend wakker met een dood vogeltje in de mond".

Ontbijt.
De tweede dag wordt 's ochtends heerlijk ontbeten in een hotel. De nacht hebben de meesten van ons geslapen in een zaaltje in het souterrain. Dorus en paar andere ontluikende bloemen der natie zitten lekker te ontbijten aan een lange tafel als Willem binnenkomt. Dorus: "Euhh Willem als jij net zoveel lawaai maakt bij het eten als bij het slapen, dan heb ik liever dat je ergens anders gaat zitten..."

Intermezzo ( met dank aan Hans).
.... En toen zei mijn vader tegen mijn moeder:"Wat denk-ie Mien, za'k nog een börreltien nemm'n?" Mijn moeder: "Ie hep al wel genog ehad, dach ik zo." Het duurt even en dan zegt mijn vader: "Mien, ik goa ëventies op zolder kieken hör, bie 't biljärt." Hij staat op, loopt van de kamer naar de keuken, draait zich om naar mij en doet de wijsvinger op zijn lippen. Daarna doet hij voorzichtig het keukenkastje open en pakt de fles jenever eruit en een glaasje. Precies op het moment dat-ie de gang in wil lopen, wordt de papegaai (Jakko) wakker. Jakko overziet de situatie in een oogopslag en zeg: "Kloekkloekloekkloekkloek."....

De zonnebril.
Bij een tankstop verzet Hans z'n Harley en rijdt daarbij over de zonnebril van Bert. Gelukkig zit Bert zijn hoofd er op dat moment niet achter...

Intermezzo (met dank aan Hans).
Het betreft hier verhalen over licht hysterische dronken vrouwen, die sterk doen denken aan de film Barfly en de boeken van Charles Bukowski. Zie s.v.p. genoemde film en boeken.

Brand.
Tijdens één van de vele boottochten zien we een Engelsman die over het stuur van zijn Japanse motor ligt te slapen. Het lijkt wel of er wat brandschade aan de zij-en achterkant van zijn motor zit. De man wordt op een gegeven moment wakker en raakt met een paar van ons aan de praat. Wat blijkt? Hij rijdt lekker op de snelweg als er wat in zijn rug lijkt te prikken. Hij kijkt en ziet dat zijn tent in de brand staat en dat hij daardoor in de brand begint te vliegen. Een rooksliert verwaait boven de snelweg. Oorzaak: de tent heeft de uitlaat geraakt. Hij stopt op de vluchtstrook en het lukt hem om de tent van de motor af te halen en in de berm te laten verbranden.

De Super Rally.
Ook dit jaar is het op een voormalig vliegveld, waar vandaan enkel nog sportvliegtuigjes opstijgen. Het is heel redelijk georganiseerd en vanaf zaterdagmiddag 16.00 uur breekt de zon door en ziet de wereld er een stuk aangenamer uit. Op vrijdagavond hebben we Slade nog zien spelen en dat was toch ook wel weer leuk. Er schijnen 10.000 motoren te zijn en ongeveer 12.000 bezoekers. Verder valt er veel over te vertellen, maar iedereen die wel eens een SR heeft bezocht kan zich daar wel iets bij voorstellen.

Vliegende kroketten.
We staan met z'n allen bij elkaar op het terrein van de SR als Hans opeens met van schrik uitpuilende ogen wegduikt en schreeuwt: "Zag-ie dat!!! Zag-ie dat!!! Vliejende krokett'n met vleugels!!! Zukke vleugels!!!" Om de vleugelmaat aan te geven spreidt hij zijn armen.
Knettergek!

Benzine.
Op de terugreis krijgt Petra het op de een of andere manier voor elkaar om zonder benzine te komen staan. Op haar motor zit een tank van ongeveer 300 liter waarmee je probleemloos in één ruk van de Algarve naar de Noordkaap kunt blazen, en toch... Al met al zo bijzonder dat inmiddels het gerucht gaat dat Hans Kazan contact heeft gezocht met Petra. Hij wil de truc graag kopen...

Extra pauzes (lees: Pech).
- In Denemarken gaat het kettingrandje van Petra kapot. De nestor repareert het met tieraps;
- In Denemarken breekt bij Hans de kickstarter af. Om te voorkomen dat de kickstarteras gaat draaien en daardoor schade aanricht in de bak, slaat de nestor de koperen lagerbus wat krom, spuit er wat Locktight tussen en blust een en ander heel fijn af met kit. Vanaf dat moment zal Hans bij elk vertrek de show stelen bij de omstanders, die er meestal wel zijn, omdat-ie moet worden aangedrukt;
- Datgene dat voor onmogelijk werd gehouden gebeurt toch! In Zweden begint Bob's bike te sputteren. De uiteindelijke oorzaak blijkt een verstopte benzinedop te zijn. Het ding is vast verstopt geraakt van alle rondslingerende olie/oliedampen, benzinedampen, stof, enz. die alle andere motoren die vóór hem rijden uitbraken;
- In Duitsland gaat Simon zijn uitlaat stuk. In een handomdraai zetten we het weerbarstige onderdeel weer op zijn plaats;
-Alhoewel ik met het gereviseerde blok vooraf 1100 km mee heb gereden dreigt aan het begin van de reis de achterste cilinder van mijn motor vast te lopen. Oorzaak: de niet-originele zuiger (merk Specialloid) zet te veel uit of de cilinder is te nauw, het ligt er maar net aan hoe je het bekijkt. Ik stel de carburateur nog veel rijker af dan ze al staat en dan gaat het goed. Even overweeg ik nog om De Rode Nachtegaal om te dopen tot De Rode Tempelier want door het veel teveel aan benzine loopt ze ongeveer 1 op 12. Verder loopt ze perfect. Op de laatste dag stel ik de carburateur weer terug in de veronderstelling dat de achterste cilinder na al die kilometers de zuiger inmiddels wel geaccepteerd heeft. Dus niet. Het positieve(?) aan het verhaal is dat ik de laatste dag wel veel harder kan rijden voordat de problemen beginnen dan aan het begin van de reis. Maar es kijken of ik er nog iets aan ga veranderen, want het is verre van ontspannend om de hele dag te moeten rijden met je voet op het koppelingspedaal. Bah, bah, bah;
- Al met al denk ik dat we met z'n allen een uurtje oponthoud hebben gehad. Te verwaarlozen dus.

Drie heren doen een drukje.
Bob & Bert doen een drukje als ze iemand de derde w.c. horen binnengaan. Na een poosje zegt Bert: "Willem, zit jij daar?" Willem: "Ja." Bert: "Dan heb jij nú een probleem want daar is geen w.c. papier..."

Geurvlag.
De Liberator van Jan plaatst rijkelijk geurvlaggen bij tankstops. Dit komt doordat de olie van de smering van de primaire ketting tijdens het rijden grotendeels op de beschermplaat blijft liggen die onder het blok doorloopt. Tijdens het tanken staat de motor echter scheef op de zijstandaard en dan loopt er nogal wat olie de straat op (een plasje met een doorsnee van ongeveer 10 cm.). Zo gaat het ook op de terugwegweg bij een tankstop in Duitsland. Na het tanken zet Jan de motor bij de pomp vandaan. Wat later staat bij de pomp waar Jan even daarvoor had getankt een jongen met een scootertje. Hij tankt, loopt naar binnen, betaalt, loopt naar buiten en ziet tot zijn schrik een plas olie onder zijn scooter liggen. Hij gaat op de knieën en kijkt onder zijn blok, maar dat is natuurlijk kurkdroog. Vertwijfeld rijdt-ie weg.

Tourcaptain.
Jan jr. is de hele reis tourcaptain geweest en dat gaat perfect. Achteraan rijdt Koen met een navigatiesysteem waaruit bij wijze van spreken geloei klinkt als je langs een weiland met koeien rijdt. In geval van twijfel overleggen beiden even, waarna de reis weer wordt voortgezet, nadat iedereen is uitgerookt... en uitgerookt... en uitgerookt...

Terugkomst.
Dinsdagavond 1 juni: Nadat ik de bagage heb afgeladen en wat heb gegeten loop ik naar de draaitafel om een plaatje te draaien. Ik zie dat de LP van Dead Moon nog steeds(?) draait in de uitloopgroef. Er is iets niet goed met de A-kant want de pick-up is een volautomaat. Navraag leert dat niemand in die week LP's gedraaid heeft. De naald heeft zeven dagen lang in de uitloopgroef zijn baantjes getrokken.
Twee dagen later staan ze live in Hedon en geven een fantastisch concert, waarin o.a. het ijzingwekkende The 99's. Ter afsluiting een coupletje en de recensie uit de Stentor.
THE 99's: We are the ravens of darkness / The spies who came in from the cold / We'll never see tomorrow / We're never gonna get that old / We're the cornerstone tomboys / Waitin' on a dead end street / We're the 1st ones into battle / The last ones to retreat / We lead the desperate lives / We are the 99's.

K!


Meer K's column's?


HOME